Wednesday, February 7, 2007

De Israëlische aanval op Libanon heeft bittere herinneringen bovengehaald over de vorige aanvallen op dit land.

Bassem Chit

In 1982 viel Israël Libanon binnen. Ongeveer veertienduizend Libanesen en Palestijnen kwamen om in het conflict dat volgde. Net als vandaag beweerde Israël dat het reageerde op aanvallen op zijn grenzen. Maar in werkelijkheid voerde het lang voorbereide plannen uit om de georganiseerde aanwezigheid van Palestijnen in het land te beëindigen. Israël plande de aanval samen met de fascistische Phalange, die een burgeroorlog vocht tegen Libanees links en de Palestijnen.
Tienduizenden Palestijnen kwamen in 1948 naar Libanon, op de vlucht voor zionistische terreurgroeperingen, toen de staat Israël gesticht werd. De Palestijnen leefden in 1982 in vluchtelingenkampen als tweederangs burgers.
Toen Israëlische troepen de Libanese hoofdstad Beiroet belegerden, stemde de PLO toe om de stad te evacueren in ruil voor de belofte dat de Israëlische troepen niet de vluchtelingenkampen binnen zouden trekken. In plaats daarvan besloot het Israëlische kabinet om zijn phalangistische bondgenoten van de ketting te laten.
Op 16 september 1982 trokken de milities de kampen Sabra en Shatila binnen. Ze begonnen de mensen die waren achtergebleven af te maken met messen en machinegeweren – bejaarden, vrouwen en kinderen. Het precieze aantal slachtoffers van het bloedbad zal nooit kunnen worden vastgesteld, maar de schattingen liggen tussen de 2400 en 3500. Rafael Eitan, de commandant van het Israëlische leger, ontmoette de leider van de Phalange de volgende dag en feliciteerde hem met de geslaagde operatie.

Verdeel en heers
De invasie en het bloedbad van 1982 waren een poging om een streep te trekken onder een groeiende uitdaging van Israël en zijn bondgenoten. In de jaren zeventig hadden de Palestijnen een bondgenootschap gevormd met de armste delen van Libanons bevolking. Ze waren buitengesloten door een systeem dat beheerst werd door corrupte politici, en dat gebaseerd was op de verdeel-en-heersmethodes die waren geïntroduceerd door Frankrijk, de oude koloniale macht.
Een opkomende arbeidersbeweging en onrust op het platteland vloeide samen met een golf van Palestijns verzet. Terwijl Palestijnen aanvallen over de grens uitvoerden op de Israëlische staat, nam Israël wraak op Libanese boeren. Het Libanese leger stond aan de zijlijn. De bevolking keerde zich tot linkse en Arabisch nationalistische organisaties.
In 1975 brak de burgeroorlog uit, en het leek erop alsof de linkse alliantie die ging winnen. De VS moedigde Syrië aan om Libanon binnen te vallen om dit te voorkomen. Syrische troepen versloegen links en sloten de Palestijnen op in hun kampen.
Maar dit was niet genoeg voor Israël. In 1982 viel het aan, na jaren van grensincidenten en bombardementen. Het doel was de creatie van een ‘bufferzone’ ten Noorden van de grens. De bezetting duurde 18 jaar.
Maar een nieuwe kracht kwam op, die het gat vulde dat gecreëerd was door de nederlaag van links – een beweging die haar inspiratie putte uit de Iraanse revolutie en wortel schoot onder Libanons gemarginaliseerde arme sjia-bevolking. De naam van de organisatie was Hezbollah, en zij zweerde dat ze geen compromis zou sluiten met het imperialisme.
De hele jaren negentig lang voerde Hezbollah het verzet tegen de Israëlische bezetting aan. Israël antwoordde door haar leiders te vermoorden en strafexercities uit te voeren op haar aanhangers. Hezbollah veranderde door haar rol in het verzet tegen Israël. De beweging startte sociale programma’s, opende scholen, en begon voorbij de grenzen van haar beperkte islamistische politiek te kijken.
Haar jonge leider, Savyed Hassan Nasrallah, wist een reputatie op te bouwen van eerlijkheid en gehaaide strategische planning. Langzamerhand begonnen de guerillas het Israëlische leger uit te putten, en de populariteit van de beweging groeide onder gewone mensen.
In mei 2000 trokken de Israëli’s weg uit Zuid-Libanon. Hezbollah werd ontvangen als de redder van het land. Haar successen vormden een scherp contrast met de treurige prestaties van de Arabische staten. Hezbollah deed mee aan de Libanese parlementsverkiezingen en werd in de regering gekozen.
Alle hoop op vrede werd de bodem ingeslagen met de aanvallen van 11 september 2001 op de VS. Hezbollah werd nu op de terreurlijst van het Witte Huis geplaatst. De VS en Frankrijk stelden VN-resolutie 1559 op, die eiste dat Hezbollah werd ontwapend en dat het Libanese leger de Israëlische noordgrens zou beschermen.
Maar dit creëerde een strategisch probleem – wie kon een krachtige beweging met zoveel steun onder de bevolking verslaan? In eerste instantie hoopten de VS dat de pro-westerse regering in Libanon het leger naar het Zuiden zou sturen, maar dit bleek niet te gebeuren.
De gevangenname van twee Israëlische soldaten werd het excuus voor Israël, met steun van de VS en anderen, om zijn vernietigende oorlog tegen Libanon te beginnen. In het proces hebben de VS hun bondgenoten in de Libanese regering opgeofferd.
Door Libanon te straffen, hopen de VS en Israël dat het land zich tegen Hezbollah zal keren. Maar in plaats van het verzet te verwoesten, verbreden ze het. De acties van de imperialisten hebben ervoor gezorgd dat Libanon nu deel is geworden van de boog van verzet die loopt van Afghanistan en Irak naar Palestina.

No comments: